KUURNE/RED. – Geen commerciële radio zonder de zeezenders, die na een jarenlange strijd in de illegaliteit, het huidige comfort en de verschillende multimedia mogelijkheden bevorderden. Nochtans werden ze vaak met argwaan bekeken. Inspelen op de behoeften van de jongeren, dat kon nog. Hier en daar rezen nochtans mogelijke connecties met criminele organisaties. Ondanks het gebrek aan concrete bewijzen, doorbrak Radio London dit negatieve imago. Geen stuntelig opzet maar voorrang aan degelijkheid, kwaliteit en entertainment. Tijd voor het vervolg.
Met een tot 50 kW opgedreven zendvermogen op 20/3/1965 kon de pret niet meer op. Duidelijk hoorbaar in het Verenigd Koninkrijk, Ierland, Schotland, Nederland en België bombardeerde Radio London zich tot het luidste station. Ook de bevoorrading werd met goedkeuring van Radio Caroline via een overeenkomst met het Nederlandse bedrijf Wijsmuller geregeld. Deze samenwerking kreeg op 20 april 1965 een bijzondere wending tijdens de levering van een nieuwe lading medewerkers aan de ‘MV Mi Amigo’ en ‘MV Galaxy’.
Kranten omarmen Radio London
Door technische moeilijkheden hanteerde straaljagerpiloot John C. Winn noodgedwongen zijn schietstoel waardoor hij met verwondingen aan zijn schouder en knie in het ijskoude water belandde. De Canadees Pete Brady en Dave Dennis aarzelden geen seconde en hesen het slachtoffer aan boord. Na het aanvaarden van extra warme kleding en drank keerde de ‘Offshore I’ via een halte bij Radio Caroline South terug naar de haven. De militair belandde snel in het ziekenhuis bij de US Air Force basis in Bentwaters (Suffolk) voor uitgebreide verzorging.
Het voorval plaatste Radio London in een zeer welkom daglicht. De pers vond nauwelijks superlatieven om de reddingsactie te bewieroken. De geredde soldaat nam een speciale boodschap op. De gouverneur van Texas stuurde een bedankingsbrief. Ben Toney, de drijvende kracht achter het triomferende Top 40 format, werd tot admiraal bij de Navy gepromoveerd.
Niet alles was nochtans rozengeur en maneschijn bij de jeugdige trendsetter. Het gijzelingsdrama tijdens de deal met een waardeloze 15 kW-zender tussen Radio Caroline South en Radio City waarbij directeur Reg Calvert het kind van de rekening werd, torpedeerde de degelijke relatie met Radio London. Het station had immers discreet zijn zinnen gezet op een samenwerking met de benadeelde manager van The Fortunes in de hoop om United Kingdom Good Music met een easy listening format als verlengstuk te introduceren. De iets te waakzame pers kreeg echter lucht van het voornemen zodat men zich in zeven haasten van de onderhandelingstafel terugtrok. Met een ongevraagd pijnlijke afrekening tot gevolg. De Britse politiek had duidelijk voldoende gezien en schakelde een versnelling hoger.
The Beatles gekaapt!
Gezien de enorme impact duurde het niet lang vooraleer ook The Beatles, ondanks de pro-Radio Luxembourg houding van platenmaatschappij EMI, hun oog lieten vallen op Radio London. Kenny Everett en Ron O’Quinn van concurrent Swinging Radio England kregen de kans om de Fab Four tijdens hun laatste reeks concerten in de Verenigde Staten te volgen. De dagelijkse belevenissen werden vooraf telefonisch door Paul Kaye opgenomen en tot een half uur durend item gereduceerd.
De absolute stunt volgde op 12/5/1967 toen Radio London de wereldpremière kreeg van ‘Sgt Pepper’s Lonely Hearts Club Band’. De manier waarop vormde een staaltje pure piraterij. Programmaleider Alan Keen ontving de dag daarvoor een tape van een jongeman, wiens vriendin bij EMI het volledige album discreet had opgenomen. De ondermaatse kwaliteit leidde tot de dreiging tijdens een woedend telefoongesprek met de platenmaatschappij dat Big L. de illegale versie volledig zou uitzenden. Het rondje blufpoker bleef niet zonder gevolgen. Het absolute epos werd om 17.00 uur door Ed Stewart integraal uitgezonden. Uiteindelijk werd het hele verhaal afgezwakt tot pure chantage om zo de concurrentie en vooral de BBC voor te blijven.
Naar Nederland?
Het Engelse parlement voegde op 14/7/1967 de daad bij de vooraf aangekondigde maatregelen tegen de cowboy taferelen op zee en via de forten, die ooit als verdedigingsschild tijdens de Tweede Wereldoorlog dienden. De goedgekeurde ‘Marine Broadcasting Offences Act’ bepaalde dat iedereen op 14/8/1967 moest zwijgen. Het idee om Radio London vanuit Amsterdam te vervolgen, strandde wegens een gebrek aan internationale adverteerders. Dit ondanks de reeds gevoerde gesprekken met onder meer een zekere Tom Mulder, die naar een baan als nieuwslezer solliciteerde. Directeur Philip Birch gooide op 28/7/1967 de handdoek in de ring.
Afscheid richting vervolg
Toen Radio London op 14/8/1967 na een sober slotprogramma met ‘A Day In The Life’ van The Beatles en de ultieme afkondiging van Paul Kaye om 15.00 uur definitief stopte, leidde de terugkeer van de medewerkers in het Londense Victoria Station tot haast hysterische taferelen. De meesten onder hen zoals Dave Cash, Keith Skues, Pete Drummond, John Peel en Pete Brady verzilverden hun populariteit, met een baan bij het pas opgerichte BBC Radio 1. Het langverwachte antwoord op de eens verguisde ‘ondermijners’ van de publieke omroep. De in 1995 aan AIDS overleden Kenny Everett, groeide uit tot een controversiële komiek en schreef geschiedenis door als allereerste dj bij Radio Capital 14 maal tijdens het laatste weekend van oktober 1975 ‘Bohemian Rhapsody’ van Queen te promoten. Tony Blackburn werkt nog steeds bij BBC Radio 2.
De ‘MV Galaxy’ verhuisde naar Hamburg en Kiel. Plannen om Radio Gloria International en Radio Noordzee te starten mislukten. Op 20/4/1979 zonk het prestigieuze schip om in 1986 wegens lekkende tanks uit het water te worden gehesen. De sloping verwees het allerlaatste spoor van het succesvolle verhaal van Radio London definitief naar de geschiedenis.
Filip Van Molle, 14/8/2026 (1967), Radiovisie en BRU


